Zaterdag 24 september 1988. Vandaag moet het gebeuren. Ik zal hem vangen.
De stek heeft al enkele vissen tot 18 pond opgeleverd als het plotseling gebeurd is met de vangsten. Toch is er nog karper aanwezig op de stek. Bijna elke (visloze) sessie laat hij zich zien. Is het niet door middel van ‘head and shouldering’, dan is het wel door het veroorzaken van een enorme deining die zich vanonder de takkenbos verder verspreidt over het kanaal. Ik schat de vis op ruim 20 pond. Deze vis moet de mijne worden. Stug voer ik door volgens mijn schema. Elke dag voer ik 2 kilo maïs, aangevuld met 200 Scopex boilies. Elke sessie gaat echter gepaard met een blank, terwijl de karper zich wel laat zien.
Uiteindelijk besluit ik tot een drastische wijziging in mijn voerschema. Want zou het echt zo zijn? Zou een grote karper de voerstek kunnen overheersen? Tot dusver heb ik er alleen nog maar over gelezen. Als deze ene grote karper de voerstek inderdaad ‘overheerst’ dan is 2 kilo maïs met 200 boilies misschien wel een beetje veel. De kans dat de vis de haakboilie pakt is natuurlijk minimaal op zo’n grote berg voer. Niet geschoten is altijd mis, dus ik voer drie dagen achter elkaar slechts 100 boilies.
Op zaterdag ben ik om 05.00 uur op de stek. Het is nog donker, maar dankzij enkele lantaarnpalen die een stukje verderop staan, heb ik een redelijk goed zicht. Om half 6 wijzen beide hengels richting voerstek. Nog even een beetje bijvoeren en het wachten op een aanbeet kan beginnen. Dan, een uur later, ontstaat er onder de takkenbos weer die enorme deining. Ongelofelijk! De vis zit er nog steeds! De spanning stijgt. Zal ik hem vandaan dan eindelijk te grazen nemen?
Het is kwart over 7 en een jankende Optonic verraadt een aanbeet. Direct grijp ik de hengel en haal ik de baitrunner over. Traag zwemt de vis naar rechts en daar wil hij de in het water hangende wilgentakken inzwemmen. Vol hang ik in de hengel en gelukkig lukt het om de vis uit de takkenjungle te houden. De vis zwemt nu het open kanaal op en langs de oever loop ik met de vis mee. De rest van de dril verloopt soepel, bijna automatisch. Even later glijdt de karper in het net. Het is een machtige schubkarper!
Als de vis even later in mijn weegzak ligt en aan de unster hangt, blijkt dat ik mijn persoonlijk record met precies 1 pond heb opgevijzeld. De vis weegt 26 pond bij een lengte van 82 centimeter. Fantastisch!
Ik hang de karper even weg in een bewaarzak om later foto’s te nemen. Als ik weer op mijn stoel zit, overvalt mij een gevoel van overwinning. Hoe is het mogelijk? Mijn strategie heeft gewerkt. Ik heb gewonnen!
Roelof Schut

